Naar de inhoud
Toer, naar de startpagina
Grammatica

Passé composé met être

Een vaste groep werkwoorden, vooral van gaan en komen, maakt de passé composé met être: je suis allé. Dan past het deelwoord zich aan: elle est allée.

2e graad14 tot 16 jaarConcept: Nog niet nagelezen door een leerkracht Frans.

Waarom

Je vertelt een Franstalige vriendin over je reis naar Parijs met je zus. Hoe zeg je dat jullie met de trein vertrokken en laat thuisgekomen zijn?

Je zegt: Nous sommes parties en train et nous sommes rentrées tard. Bij vertrekken en thuiskomen gebruikt het Frans être, en omdat jullie twee meisjes zijn, krijgt het deelwoord -es.

Het goede nieuws: het Nederlands doet het vaak net zo. Je zegt ook ik ben gegaan, ik ben vertrokken, ik ben gebleven. Alleen de overeenkomst van het deelwoord is nieuw.

Kaft Plus wordt geopend…

Kaft Plus

De rest van „Passé composé met être” zit in Kaft Plus

De leerlijn en de eerste 3 onderwerpen van Toer zijn gratis. Met Kaft Plus open je alle onderwerpen en oefeningen.

Open met Kaft Plus

Al Kaft Plus? Dezelfde knop meldt je aan en brengt je meteen terug.

Fout gezien?

Een paar woorden is genoeg. We kijken het na en passen het aan.

Zoeken

Even laden…

Leesgemak

Kies wat helpt. Je keuze blijft bewaard op dit toestel.

Tekstgrootte

Gebruik je liever de instellingen van je toestel (zoom, schermlezer, donkere modus)? Die werken hier ook gewoon.